Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2024:1826

Hoge Raad · 10-12-2024 · zaaknummer 23/03596

StrafrechtGepubliceerd 06-12-2024
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Herziening. Medeplegen gewoontewitwassen van ruim 17 miljoen euro, art. 420ter.1 jo. 420bis.1.b Sr. Aangevoerd wordt dat sprake is van gegeven a.b.i. art. 457.1.c Sv op grond dat ernstig vermoeden bestaat dat hof aanvrager had vrijgesproken van medeplegen van gewoontewitwassen als het bekend zou zijn geweest met de bij aanvraag gevoegde documenten en verklaringen. Aanvraag richt zich uitsluitend op verwerping door hof van het door verdediging aangedragen alternatieve scenario en heeft geen betrekking op al het andere dat hof ten grondslag heeft gelegd aan bewezenverklaring van medeplegen gewoontewitwassen. Met de bij aanvraag overgelegde documenten en verklaringen beoogt aanvrager dat alternatieve scenario nader te onderbouwen, waarbij wordt aangevoerd dat die stukken leiden tot ernstige twijfel aan juistheid van verwerping door hof van alternatief scenario. Dat scenario houdt in kern in dat A weliswaar, overeenkomstig vaststellingen van hof, door B werd afgeperst en dat A daarbij werd gedwongen betalingen te doen aan aanvrager, maar dat deze betalingen reële schuld betroffen van A aan aanvrager. Daardoor dacht aanvrager geld te hebben ontvangen waarop hij recht had en heeft hij niet geweten van afpersing van A. Het lag in dat scenario in de rede dat aanvrager vervolgens zelf zou worden afgeperst. Hof heeft in zijn bewijsoverwegingen uitvoerig gemotiveerd dat en waarom hof alternatief scenario als niet aannemelijk terzijde schuift. Op gronden weergegeven in CAG doen overgelegde verklaringen en documenten (v.zv. al niet bekend aan hof) niet ernstig vermoeden rijzen dat hof op dit onderdeel van bewijsvoering tot ander oordeel zou zijn gekomen als het bekend zou zijn geweest met wat in aanvraag naar voren wordt gebracht en daarmee ook tot vrijspraak van aanvrager. In aanvraag aangevoerde kan daarom niet worden aangemerkt als gegeven a.b.i. art. 457.1.c Sv. Afwijzing aanvraag. Vervolg op HR:2014:349 (strafzaak).

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.