ECLI:NL:HR:2024:1645
Hoge Raad · 26-11-2024 · zaaknummer 23/01450
Inhoudsindicatie
Ontucht met 9-jarig/13-jarig meisje door 22-jarige/26-jarige huisvriend van familie, art. 244 (oud) en 245 (oud) Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklacht. Had hof gelet op vrijspraak in e.a. moeten nagaan of procedure in haar geheel voldoet aan het door art. 6 EVRM gewaarborgde recht op eerlijk proces? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft geoordeeld dat tlgd. ontuchtige handelingen wel kunnen worden bewezen, omdat verklaring van aangeefster steun vindt in verklaringen van anderen. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk en ook in het licht van art. 342.2 Sv toereikend gemotiveerd. Ook argument dat hof ambtshalve nader onderzoek in had moeten stellen (art. 316 jo. art. 415 Sv) treft geen doel. Hof heeft kennelijk geoordeeld dat dit niet noodzakelijk is en dit is niet onbegrijpelijk. Er is geen sprake van schending van art. 6 EVRM. Volgt verwerping.
Advocaten
- M.R. Mantz
- T.N.B.M. Spronken
- V. van den Brink
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
