ECLI:NL:HR:2023:689
Hoge Raad · 09-05-2023 · zaaknummer 21/03523
Inhoudsindicatie
Gewoonte maken van wapenhandel (art. 31.1 jo. 55.4 WWM), voorhanden hebben van vuurwapen en munitie (art. 26.1 WWM) en hennepteelt (art. 3.B Opiumwet). 1. Bewijsklacht wapenhandel. Kon hof voor bewijs gebruik maken van processen-verbaal van bevindingen m.b.t. WOD-traject, nu verdachte daarin niet in vrijheid een verklaring heeft kunnen afleggen? 2. Redelijke termijn in hoger beroep. Kon hof volstaan met constatering dat redelijke termijn is overschreden? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 21/03470 en 21/03525 P.
Advocaten
- D.J.C. Aben
- E.J.M.J. Damen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
