ECLI:NL:HR:2023:547
Hoge Raad · 18-04-2023 · zaaknummer 20/04205
Inhoudsindicatie
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op geldbedrag (€ 2.570) in vaas in woonkamer onder broer van klager t.z.v. verdenking van handel in cocaïne en heroïne, waarna broer is veroordeeld. 1. Had Rb ex art. 552a.5 (tweede volzin) Sv moeder van klager als belanghebbende in kennis moeten stellen van behandeling van klaagschrift in raadkamer? 2. Kon Rb oordelen dat klager t.a.v. geldbedrag niet redelijkerwijs als rechthebbende kan worden beschouwd? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 20/04206 B. CAG gaat in op ontvankelijkheid cassatieberoep (beslag is niet beëindigd ex art. 134.2.b Sv).
Advocaten
- P.M. Frielink
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
