ECLI:NL:HR:2023:416
Hoge Raad · 04-04-2023 · zaaknummer 22/00822
Inhoudsindicatie
Beklag, beslag ex art. 94a Sv onder bank op saldo van € 6.272,91 (met terugwerkende kracht uitbetaalde bijstandsuitkering) op bankrekening t.n.v. klaagster t.z.v. verdenking van oplichting, verduistering en witwassen. Proportionaliteit en subsidiariteit van voortzetting beslag. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2023:128. Oordeel Rb dat voortduring beslag voldoet aan eisen van proportionaliteit en subsidiariteit is ontoereikend gemotiveerd. Enkele door Rb in aanmerking genomen omstandigheid dat inhoudelijke behandeling van strafzaak tegen klaagster binnen anderhalve maand zou plaatsvinden, kan dat oordeel niet dragen. HR neemt hierbij in aanmerking dat Rb geen vaststellingen heeft gedaan over financiële situatie van klaagster t.t.v. behandeling klaagschrift en dat namens klaagster is aangevoerd dat sprake is van bankbeslag waarbij nog geen rekening werd gehouden met beslagvrij bedrag, dat klaagster door beslag onder bestaansminimum is uitgekomen, dat zij geen andere inkomsten en geen ander vermogen heeft en dat beslag t.t.v. behandeling klaagschrift bijna vijf jaren duurt. Volgt vernietiging en terugwijzing. Vervolg op HR:2019:41.
Advocaten
- J.T.A. van Schaik
- T.N.B.M. Spronken
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
