ECLI:NL:HR:2023:317
Hoge Raad · 07-03-2023 · zaaknummer 21/01500
Inhoudsindicatie
Grootschalige internetfraude. Medeplegen gewoontewitwassen van geldbedragen (art. 420ter.1 jo. 420bis.1.a Sr) en deelneming aan criminele organisatie (art. 140.1 Sr) door computers van rekeninghouders van banken te infecteren met “malware” teneinde frauduleuze overboekingen te bewerkstelligen. 1. Bewijsklacht witwassen en deelneming aan criminele organisatie. Kan uit bewijsvoering worden afgeleid dat verdachte gebruik maakte van bijnaam A? 2. Bewijsklacht medeplegen witwassen m.b.t. transacties. 3. Vorderingen benadeelde partijen (banken), rechtstreekse schade. Is toegewezen deel van vorderingen een rechtstreeks gevolg van bewezenverklaard witwassen? 4. Vorderingen benadeelde partijen, art. 361.4 Sv. Heeft hof verweer m.b.t. vorderingen toereikend gemotiveerd verworpen? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 21/01540, 21/01580, 21/01581, 21/01600 en 21/01639.
Advocaten
- A.L. de Vogel
- E.J. Hofstee
- O.M. Dieben
- V.P.J. Tuma
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
