ECLI:NL:HR:2023:177
Hoge Raad · 14-02-2023 · zaaknummer 21/00767
Inhoudsindicatie
Tussenarrest HR. Aanwezig hebben van hennepkwekerij, art. 3.B Opiumwet. Bewijsklacht. Enkelvoudige kamer hof heeft vonnis Pr bevestigd, art. 3 Regeling aantekening mondeling vonnis, art. 425.2 Sv en art. 425.3 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2016:2026 m.b.t. bevestiging en vernietiging van mondeling vonnis bij mondeling arrest. Gelet hierop is het voor eisen die aan inhoud van aantekening mondeling arrest worden gesteld, niet van belang of verdachte het bewezenverklaarde heeft bekend dan wel of ttz. door of namens verdachte vrijspraak is bepleit (vgl. HR:2009:BK5605). Volgt verwijzing naar rolzitting teneinde AG in de gelegenheid te stellen zich voor het overige uit te laten over voorgestelde middelen. CAG (anders): Hof mocht vonnis Pr niet bevestigen, omdat niet kon worden volstaan met opgave van bewijsmiddelen a.b.i. art. 359.3 Sv, nu verdachte het feit niet heeft bekend en raadsvrouw in hoger beroep vrijspraak heeft bepleit.
Advocaten
- P.M. Frielink
- V.C. van der Velde
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
