Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2023:1657

Hoge Raad · 28-11-2023 · zaaknummer 21/04001

StrafrechtGepubliceerd 24-11-2023
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Medeplegen verkopen (art. 2.B Opiumwet) en aanwezig hebben (art. 2.C Opiumwet) van cocaïne en heroïne, belediging van handhaver van gemeente (art. 266.1 jo. 267.2 Sr) en gevaar op weg veroorzaken tijdens achtervolging door politie (art. 5 WVW 1994). Herstelbeslissing en ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 432.3.b Sv. Verontschuldigbare termijnoverschrijding op de grond dat cassatieberoep is ingesteld nadat hof (27 dagen na arrest) bij herstelbeslissing verbetering had aangebracht in strafmotivering van arrest door daarin overeenkomstig dictum voorwaardelijke ontzegging van bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen te wijzigen in onvoorwaardelijke OBM? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2020:1217 m.b.t. gevallen waarin en wijze waarop feitenrechter herstelbeslissing kan geven en mogelijkheid van controle door rechter in hoger beroep of in cassatie. Verdachte heeft zich op nadere tz. in h.b. laten verdedigen door daartoe uitdrukkelijk gemachtigde advocaat. Daarom had cassatieberoep moeten worden ingesteld binnen 14 dagen na ‘s hofs einduitspraak van 25-8-2021. Beroep is echter pas ingesteld op 24-9-2021. Opvatting dat herstelbeslissing uitsluitend een verbetering van dictum mag betreffen, is te beperkt en daarmee onjuist. Feitenrechter heeft ook mogelijkheid om (eveneens in evidente gevallen) een in ander onderdeel van zijn uitspraak voorkomende kennelijke fout te verbeteren indien hij dat relevant acht, mede met het oog op juiste executie van uitspraak. Dictum houdt in dat verdachte voor bewezenverklaard feit (gevaar op weg veroorzaken) bevoegdheid motorrijtuigen te besturen wordt ontzegd voor 3 maanden. In dit dictum is niet opgenomen dat deze bijkomende straf of gedeelte daarvan (onder vermelding van proeftijd en daaraan verbonden voorwaarden) niet zal worden tenuitvoergelegd. Hieruit volgt dat strafmotivering een kennelijke fout bevatte die zich leende voor eenvoudig herstel, mede met het oog op juiste executie van uitspraak. Van herstelbeslissing waarop verdachte niet bedacht had hoeven te zijn, is daarbij geen sprake. Daarom is overschrijding van wettelijke termijn, waarbinnen beroep in cassatie tegen einduitspraak had moeten worden ingesteld, niet verontschuldigbaar. HR kan cassatieberoep v.zv. dat is gericht tegen bestreden uitspraak, niet in behandeling nemen. Cassatieberoep kan ook niet in behandeling worden genomen v.zv. dat is gericht tegen ‘s hofs herstelbeslissing. Tegen zo’n beslissing staat immers geen rechtsmiddel open. Verdachte n-o.

Advocaten

Partijen

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.