ECLI:NL:HR:2023:1355
Hoge Raad · 03-10-2023 · zaaknummer 21/02572
Inhoudsindicatie
Medeplegen uitvoer cocaïne en amfetamine in smokkelauto naar Zweden (art. 2.A Opiumwet), medeplegen voorbereidingshandelingen invoer cocaïne vanuit Peru (art. 10a.1 jo. 10.5 Opiumwet), deelneming aan criminele organisatie (art. 11b Opiumwet) en gewoontewitwassen van geldbedragen (art. 420ter jo. 420bis.1.b Sr). 1. Motivering bewezenverklaringen. Bevat aanvulling op verkort arrest de inhoud van alle bewijsmiddelen en zijn bewijsredenering en verwijzingen in (deels overgenomen) Promis-vonnis Rb voldoende nauwkeurig? 2. Bewijsklacht uitvoer harddrugs. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt m.b.t. opzet op uitvoer van harddrugs. 3. Afwijzing voorwaardelijk getuigenverzoek. 4. Bewijsklachten gewoontewitwassen. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 21/02464, 21/02573 en 21/02579 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte n-o) en 21/02455.
Advocaten
- D.J.M.W. Paridaens
- J. Kuijper
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
