ECLI:NL:HR:2023:1340
Hoge Raad · 03-10-2023 · zaaknummer 22/01861
Inhoudsindicatie
(Medeplegen) (poging tot) afpersing (art. 317.1 jo. 312.2 Sr), medeplegen valsheid in geschrift (art. 225.1 en 225.2 Sr), mishandeling met voorbedachte raad (art. 301.1 Sr), medeplegen zware mishandeling met voorbedachte raad (art. 303.1 Sr), medeplegen diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr) en als leider deelnemen aan criminele organisatie (motorclub) (art. 140.4 Sr). 1. Ontvankelijkheid cassatieberoep v.zv. gericht tegen tussenarrest, art. 418 Sv en 322 Sv. 2. Is bewezenverklaring (medeplegen diefstal met geweld) in beslissende mate gebaseerd op verklaring van getuige (aangever), die verdediging (als gevolg van diens overlijden) niet als getuige heeft kunnen horen? Ad 1. Verdediging heeft bij appelschriftuur verzocht aantal getuigen te horen. Die opgave geldt o.g.v. art. 410.3 Sv als opgave in de zin van art. 263.2 Sv. AG is niet overgegaan tot oproepen van getuigen, waarna verdediging verzoeken heeft gehandhaafd in schriftelijke standpuntwisselingen die in plaats zijn gekomen van mondeling behandeling op regiezitting. Hof heeft vervolgens bij tussenarrest deel van getuigenverzoeken afgewezen. Samenstelling hof bij inhoudelijke behandeling in hoger beroep is niet gewijzigd t.o.v. samenstelling waarin hof tussenarrest heeft gewezen. Ook is niet gebleken dat hof bevel in de zin van art. 322.2 Sv heeft gegeven. Gelet op dit procesverloop moet het ervoor worden gehouden dat (tot afwijzing strekkende) beslissingen op getuigenverzoeken die hof bij tussenarrest heeft genomen, beslissingen betreffen die o.g.v. art. 418 Sv zijn genomen. In CAG is uiteengezet dat A als getuige is gehoord door RC. Kennelijk heeft hof in verband daarmee verzoek om A als getuige te horen beoordeeld o.g.v. art. 418.2 Sv, terwijl beslissingen t.a.v. overige getuigen zijn gebaseerd op art. 418.1 Sv. Hiervoor geschetst procesverloop brengt verder met zich dat voorschriften van art. 322 Sv in deze zaak niet eraan in de weg staan dat in cassatie kan worden geklaagd over die beslissingen in tussenarrest op verzoeken tot horen van getuigen. Dat er geen zitting heeft plaatsgevonden waarop door verdediging bij appelschriftuur gedane verzoeken zijn behandeld, maakt dat in gegeven omstandigheden niet anders. Ad 2. Hof heeft tot uitdrukking gebracht dat verklaring van aangever bruikbaar is voor bewijs, nu betrokkenheid van verdachte niet in beslissende mate op die verklaring is gebaseerd maar in voldoende mate steun vindt in andere bewijsmiddelen en dit steunbewijs betrekking heeft op die onderdelen van verklaring van aangever die door verdachte zijn betwist. In het licht van inhoud van door hof gebruikte b.m. geeft dat oordeel niet blijk van onjuiste rechtsopvatting en is het niet onbegrijpelijk. Volgt verwerping. Samenhang met 22/01795. CAG: anders t.a.v. ontvankelijkheid cassatieberoep v.zv. gericht tegen tussenarrest.
Advocaten
- B.F. Keulen
- R.J.H. van der Wal
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
