ECLI:NL:HR:2023:121
Hoge Raad · 07-02-2023 · zaaknummer 21/00681
Inhoudsindicatie
Openlijke geweldpleging tegen personen en goederen (art. 141.1 Sr), medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving (art. 282.1 Sr) en openlijke geweldpleging tegen goederen (art. 141.1 Sr). Getuigenverzoek, art. 315 jo. 328 Sv. Heeft hof verzuimd te beslissen op een op nadere tz. in hoger beroep door raadsman voorwaardelijk gedaan herhaald verzoek tot horen van een van de aangevers als getuige, nadat verzoek op eerdere tz. in h.b. o.b.v. noodzaakcriterium is afgewezen? Verzoek dat raadsman op nadere tz. in h.b. heeft gedaan, is verzoek tot horen van getuige a.b.i. art. 315 jo. 328 Sv, zodat uitdrukkelijke beslissing op dit verzoek was vereist. Dat geldt ook wanneer verzoek voorwaardelijk is gedaan en (zoals in dit geval) daaraan gestelde voorwaarde is vervuld. P-v van die tz. en ook uitspraak van hof houden niet een beslissing in op dit verzoek. Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 21/00680 en 21/00848.
Advocaten
- J.C. Reisinger
- T.N.B.M. Spronken
Partijen
[benadeelde]
benadeelde · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
