ECLI:NL:HR:2023:1033
Hoge Raad · 11-07-2023 · zaaknummer 21/03055
Inhoudsindicatie
Mishandeling door aangeefster (ex-vriendin) tegen het oog te slaan ten gevolge waarvan aangeefster ten val is gekomen (art. 300.1 Sr), mishandeling door met een telefoon tegen het hoofd van aangeefster te slaan (art. 300.1 Sr) en mishandeling door aangeefster in haar been te bijten (art. 300.1 Sr). 1. Bewijsklachten mishandelingen. 2. Bewijsminimum, art. 342.2 Sv (unus testis). Vindt verklaring van aangeefster (m.b.t. slaan met telefoon) voldoende steun in ander bewijsmateriaal? 3. Heeft hof voldoende begrijpelijk gerespondeerd op uitdrukkelijk onderbouwd standpunt (m.b.t. bijten in been) dat verklaring van getuige niet betrouwbaar is? HR: art. 81.1 RO.
Advocaten
- B. Kizilocak
- T.N.B.M. Spronken
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
