Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2023:1020

Hoge Raad · 04-07-2023 · zaaknummer 21/03903

StrafrechtGepubliceerd 03-07-2023
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Nachtelijke woningovervallen op hoogbejaarde vrouwen (art. 312.2.1 jo 317.3 Sr) en poging tot diefstal met valse sleutel door met buitgemaakte pinpas te proberen te pinnen (art. 311.1.5 Sr). Redelijke termijn in hoger beroep. 1. Duur van redelijke termijn. Kon hof bij beoordeling van duur van redelijke termijn de periode tussen verwijzing van zaak naar Rh-C door hof en horen van getuige buiten beschouwing laten? 2. Rechtsgevolgen van overschrijding van redelijke termijn en motiveringseisen. Kon hof oordelen dat door oplegging van gevangenisstraf van 8 jaren i.p.v. 9 jaren niet alleen rekening is gehouden met nieuwe regeling inzake voorwaardelijke invrijheidsstelling maar ook is gecompenseerd voor overschrijding van redelijke termijn? Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2008:BD2578 m.b.t. duur van redelijke termijn en omstandigheden die daarbij van belang zijn, rechtsgevolgen van overschrijding van redelijke termijn en motiveringseisen. Bij beoordeling van verweer over overschrijding van redelijke termijn in h.b. moet rechter acht slaan op tijdsverloop in periode van h.b. als geheel, om vervolgens aan de hand van hiervoor genoemde omstandigheden de redelijkheid van duur van h.b. te beoordelen. In zijn strafmotivering heeft hof bij beoordeling van verweer dat sprake is van overschrijding van redelijke termijn in h.b., het tijdsverloop tussen datum van verwijzing van zaak naar Rh-C en datum waarop enige traceerbare getuige is gehoord niet in aanmerking genomen. Daarmee heeft hof miskend wat hiervoor is vooropgesteld. Ad 2. Hof heeft t.a.v. strafoplegging vooropgesteld dat het de door Rb opgelegde gevangenisstraf van 9 jaren in beginsel passend en geboden acht. Om, rekening houdend met wijziging van regeling inzake VI per 1-7-2021, tot eenzelfde netto duur van gevangenisstraf te komen als ware straf opgelegd vóór die datum, heeft hof aan verdachte een gevangenisstraf opgelegd van 8 jaren. Daarbij heeft hof overwogen dat verdachte “hierdoor (...) tevens [is] gecompenseerd voor overschrijding van redelijke termijn” in h.b. Dat oordeel is niet zonder meer begrijpelijk, in aanmerking genomen dat door hof opgelegde gevangenisstraf van 8 jaren tot eenzelfde netto duur van gevangenisstraf zou leiden als gevangenisstraf van 9 jaren die vóór inwerkingtreding van wijziging van regeling inzake VI is opgelegd en hof niet heeft vermeld in welke mate die straf is verlaagd wegens overschrijding van redelijke termijn. Ook inzendtermijn en uitspraaktermijn in cassatiefase zijn overschreden. HR doet zaak zelf af en vermindert aan verdachte opgelegde gevangenisstraf van 8 jaren met 6 maanden.

Advocaten

  • P.M. Frielink

Partijen

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.