ECLI:NL:HR:2022:957
Hoge Raad · 28-06-2022 · zaaknummer 20/04027
Inhoudsindicatie
Economische zaak. Als feitelijk leidinggever van vennootschap gedurende periode van ruim 2 jaren in strijd met sanctiemaatregelen van EU tegen Iran indirect handel drijven met gasbedrijf in Iran door naar tussenstations in Dubai en Turkije uitvoerzendingen met onderdelen voor motoren te verzenden die uiteindelijk bestemd zijn voor Iran, art. 2 Sanctiewet 1977 jo. art. 1 Sanctieregeling Iran 2012 jo. art. 23.3 Verordening (EU) nr. 267/2012 jo. Bijlage II.B onder 29 bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 945/2012. Heeft hof juiste uitleg gegeven aan de in art. 23.3 Verordening voorkomende term ‘direct of indirect ter beschikking stellen’? HR: art. 81.1 RO.
Advocaten
- B.F. Keulen
- R.P. Snorn
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
