ECLI:NL:HR:2022:916
Hoge Raad · 21-06-2022 · zaaknummer 21/00625
Inhoudsindicatie
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. diefstal, meermalen gepleegd (art. 310 Sr). Aanwezigheidsrecht, detentie uit anderen hoofde in Duitsland gebleken uit in cassatie overgelegd stuk. Hof heeft verstek verleend tegen niet verschenen verdachte. HR: Op gronden die zijn vermeld in CAG is middel terecht voorgesteld. CAG: Uit de aan de cassatieschriftuur gehechte stukken, te weten een “Entlassungsschein” (ontslagbrief) van Justizvollzuganstalt in Keulen d.d. 28-1-2021 inhoudende dat verdachte in periode van 18-12-2020 tot en met 28-1-2021 gedetineerd is geweest, moet worden afgeleid dat verdachte t.t.v. behandeling van zijn strafzaak in hoger beroep op 5-1-2021 i.v.m. een andere zaak was gedetineerd. Gelet hierop is beslissing hof om tegen verdachte verstek te verlenen en onderzoek ttz. voort te zetten, achteraf bezien onjuist. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Advocaten
- A.E. Harteveld
- M.G. van Wijk
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
