ECLI:NL:HR:2022:804
Hoge Raad · 31-05-2022 · zaaknummer 21/00456
StrafrechtGepubliceerd 30-05-2022
Deel LinkedIn
Inhoudsindicatie
Oplichtingsfeiten, art. 326 Sr. Cassatiemiddel klaagt over verwerping van verweer dat de wederrechtelijkheid ontbrak omdat er aan de afgifte van geldbedragen telkens een ook door de resp. aangevers ondertekende civielrechtelijke overeenkomst ten grondslag lag. HR: art. 81.1 RO.
Advocaten
- D.J.C. Aben
- H.M.W. Daamen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
