Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2022:366

Hoge Raad · 05-04-2022 · zaaknummer 20/04341

StrafrechtGepubliceerd 14-03-2022
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Profijtontneming, w.v.v. uit hypotheekfraude. Afwijzing van bij appelschriftuur gedaan verzoek om in ontnemingszaak getuigen te horen die al in strafzaak zijn gehoord op de grond dat noodzaak tot horen getuigen niet is gebleken. 1. Kan rechter bij beoordeling betrekken dat getuige al in strafzaak is gehoord? 2. Toepasselijk criterium. Kan o.g.v. art. 418.2 Sv noodzakelijkheidscriterium worden toegepast? 3. Kon hof verzoeken tot horen getuigen afwijzen vanwege onvoldoende onderbouwing, nu getuigen reeds eerder bij RC zijn gehoord? Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2022:147 m.b.t. motiveren en beoordelen van getuigenverzoeken in ontnemingszaken. Uitgangspunt dat hof bij beoordeling van getuigenverzoeken niet in aanmerking mocht nemen dat getuigen eerder zijn gehoord in strafzaak, berust op onjuiste rechtsopvatting. Rechter in ontnemingszaak mag bij beoordeling van getuigenverzoek acht slaan op omstandigheid dat getuige in strafzaak al een verklaring heeft afgelegd waarvan inhoud van belang is voor in ontnemingszaak te nemen beslissing, mits deze verklaring deel uitmaakt van processtukken van ontnemingszaak. Ad 2. M.b.t. criterium aan de hand waarvan rechter het getuigenverzoek moet beoordelen, geldt in ontnemingszaken dat onder het in art. 418.2 Sv bedoelde verhoor van getuige in eerste aanleg, moet worden verstaan een verhoor in e.a. in ontnemingszaak. Toepassing onjuist (noodzakelijkheids)criterium door hof leidt op zichzelf niet tot cassatie. Ad 3. Zonder nadere vaststellingen over wat in verhoren in strafzaak aan de orde is geweest dat van belang is voor ontnemingszaak, kan enkele omstandigheid dat getuigen in strafzaak al door RC zijn gehoord niet afdoen aan onderbouwing van de getuigenverzoeken. Die verzoeken hebben immers betrekking op omvang van gemaakte kosten, bestaande uit betalingen aan deze getuigen. HR neemt hierbij in aanmerking dat uit omstandigheid dat hof deze betalingen wel heeft betrokken bij schatting van w.v.v. maar voor veel geringer bedrag dan namens betrokkene is aangevoerd, blijkt dat betrokkene belang had bij verzoeken. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.