ECLI:NL:HR:2022:31
Hoge Raad · 18-01-2022 · zaaknummer 20/02580
Inhoudsindicatie
Opzettelijk gebruik maken van vals Pools rijbewijs, art. 231.2 Sr. Heeft hof toereikend gereageerd op verweer dat OM o.g.v. art. 31.1 Vluchtelingenverdrag n-o moet worden verklaard in vervolging? HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Ttz. in h.b. gedaan beroep op art. 31 Vluchtelingenverdrag kan niet anders worden gezien dan als verweer dat strekt tot bescherming van verdachte door deze verdragsbepaling. Gelet op HR:2012:BW9266 en HR:2013:BY4310 had hof verweer slechts mogen verwerpen nadat het onverwijld en zonder nader onderzoek had kunnen vaststellen dat de vreemdeling geen vluchteling in de zin van het Vluchtelingenverdrag is. Hof heeft slechts overwogen dat ‘een situatie als bedoeld in deze bepaling zich in casu niet voordoet’. Gelet op wat verdachte heeft verklaard en gegeven de omstandigheid dat hij ook in h.b. kennelijk nog in een asielzoekerscentrum verbleef, is verwerping verweer ontoereikend gemotiveerd. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Rechters
Advocaten
- D.J.M.W. Paridaens
- D.M. Penn
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
