ECLI:NL:HR:2022:1480
Hoge Raad · 01-11-2022 · zaaknummer 21/00435
Inhoudsindicatie
Medeplegen telen van hennep (art. 3.B Opiumwet), medeplegen aanwezig hebben van hennep (art. 3.C Opiumwet) en medeplegen diefstal van elektriciteit (art. 310 Sr). Verjaring medeplegen hennepteelt (feit 1) en aanwezig hebben van hennep (feit 2), absolute verjaringstermijn. Feiten 1 en 2 zijn bij art. 3.B en 3.C jo. 11.2 Opiumwet strafbaar gesteld als misdrijf waarop gevangenisstraf van ten hoogste 2 jaren is gesteld. Deze feiten zijn volgens tll. begaan in of omstreeks periode van 1-1-2006 tot en met 4-6-2008 (feit 1) en op of omstreeks 5-1-2008 (feit 2). O.g.v. art. 70.1.2 jo. 72.2 Sr beloopt verjaringstermijn i.c. ten hoogste 2 maal 6 jaren. Daarom is wat betreft het onder 1 en 2 tlgd. het recht tot strafvordering wegens verjaring vervallen. HR zal wat betreft feiten 1 en 2 OM n-o verklaren in vervolging. Volgt (partiële) vernietiging en terugwijzing t.a.v. strafoplegging. Samenhang met 21/00427 P.
Advocaten
- B.J.W. Tijkotte
- D.J.C. Aben
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
