ECLI:NL:HR:2022:1318
Hoge Raad · 27-09-2022 · zaaknummer 20/04139
Inhoudsindicatie
Schuldwitwassen van geldbedragen, art. 420quater.1.b Sr. Kernroljurisprudentie. Afwijzing verzoek tot terugwijzing van zaak naar Rb omdat geen afschrift van inleidende dagvaarding naar de voor verdachte optredende raadsman is toegezonden, art. 38.5 en 40.2 Sv. Raadsman heeft zich gesteld bij OM, terwijl zijn stelbrief inhoudt dat op dat moment nog geen parketnummer van zaak bekend was en hij zich niet op enig moment heeft gesteld bij griffie Rb. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2017:2250 m.b.t. wijze waarop raadsman zich dient te stellen. Hof heeft geoordeeld dat ook indien raadsman (nog) niet over parketnummer beschikt, dit niet tot gevolg heeft dat raadsman met het oog op optreden als raadsman ttz. met stelbrief aan OM kan volstaan. Gelet op wat hiervoor is vooropgesteld, is dit oordeel juist. Volgt verwerping.
Advocaten
- A.E. Harteveld
- W.B.M. Bos
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
