ECLI:NL:HR:2021:566
Hoge Raad · 13-04-2021 · zaaknummer 19/04626
Inhoudsindicatie
Medeplegen nachtelijke woninginbraak (art. 311.1 Sr). Strafmotivering (gevangenisstraf van 4 maanden), verwijzing naar niet tenlastegelegde feiten. Kon hof bij strafoplegging betrekken dat verdachte het bij herhaling voor elkaar krijgt op deze manier bij justitie in beeld te geraken? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BM9968 en ECLI:NL:HR:2017:2391 m.b.t. voorwaarden waaronder bij strafoplegging rekening kan worden gehouden met niet tlgd. feit. Hof heeft in strafmotivering als relevante omstandigheid benoemd “dat verdachte het bij herhaling voor elkaar krijgt (...) bij justitie in beeld te geraken”. Daarbij heeft hof acht geslagen op eerdere onherroepelijke veroordelingen en daarnaast in aanmerking genomen dat verdachte “inmiddels opnieuw bij justitie in beeld [is] wegens (mogelijke) betrokkenheid bij soortgelijke delicten”. Hof heeft daarmee feiten in strafmotivering betrokken waarvoor verdachte op het moment waarop hof arrest wees, niet onherroepelijk was veroordeeld. Strafmotivering voldoet in zoverre niet aan eisen die daaraan worden gesteld. Dat hoeft echter niet tot cassatie te leiden. Hof heeft immers tevens overwogen dat het “deze nieuwe verdenkingen op zichzelf niet in strafverzwarende zin” laat meewerken. Daarin ligt als ’s hofs niet onbegrijpelijke oordeel besloten dat eerdere onherroepelijke veroordelingen zelfstandig aanleiding geven tot strafverzwaring. Volgt verwerping. CAG: anders.
Advocaten
- D.J.M.W. Paridaens
- E.D. van Elst
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
