ECLI:NL:HR:2021:524
Hoge Raad · 09-04-2021 · zaaknummer 19/02952
Inhoudsindicatie
Goederenrecht. Pandrecht. Is rangwijziging bij pandrecht mogelijk? Analoge toepassing van art. 3:262 lid 1 BW (hypotheekrecht)? Strekt de inningsbevoegdheid van de pandhouder zich uit over alle vorderingen die aan hem zijn verpand, ongeacht het beloop van de vordering waarvoor het pandrecht is verstrekt (art. 3:246 lid 1 BW)? In overweging ten overvloede komt Hoge Raad gedeeltelijk terug van HR 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3619.
Advocaten
- B.I. Kraaipoel
- E.B. Rank-Berenschot
- R.L.M.M. Tan
- T.E. Booms
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
