ECLI:NL:HR:2021:326
Hoge Raad · 02-03-2021 · zaaknummer 19/05716
Inhoudsindicatie
Betekening appeldagvaarding, art. 588.2 (oud) Sv. Appeldagvaarding is uitgereikt aan griffier, omdat van verdachte geen woon- of verblijfplaats in Nederland bekend was. Niet blijkt dat appeldagvaarding is verzonden naar het van verdachte bekende adres in Verenigd Koninkrijk, zoals vermeld in p-v van verhoor door politie. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2002:AD5163 m.b.t. betekening in geval van bekendheid van adres in het buitenland. Uit aan HR gezonden stukken moet worden afgeleid dat verdachte t.t.v. betekenen van appeldagvaarding niet was gedetineerd en dat van hem niet feitelijke woon- of verblijfplaats in Nederland maar wel het in p-v van verhoor vermelde adres in Verenigd Koninkrijk bekend was. Gelet hierop en in aanmerking genomen hetgeen hiervoor is overwogen, is ’s hofs kennelijke oordeel dat appeldagvaarding rechtsgeldig is betekend, niet toereikend gemotiveerd. HR verklaart appeldagvaarding nietig.
Advocaten
- E.J. Hofstee
- M. Berndsen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
