ECLI:NL:HR:2021:273
Hoge Raad · 19-02-2021 · zaaknummer 19/03244
Inhoudsindicatie
Overheidsprivaatrecht. Procesrecht. Strafrecht. Door advocaten onder de Staat (openbaar ministerie) gelegd bewijsbeslag wegens beweerde schending van hun verschoningsrecht. Vordering Staat tot opheffing bewijsbeslag. Criteria Molenbeek-uitspraak (HR 13 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ9958). Vordering advocaten in geval van schending verschoningsrecht? Staan Wet politiegegevens en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens in de weg aan beslag? Aannemelijkheid vordering. Noodzaak beslag; vrees voor verlies bewijs. Voldoende bepaald omschreven bescheiden? Beoordeling gewichtige redenen als bedoeld in art. 843a lid 4 Rv in exhibitieprocedure. Toepasselijkheid van de art. 22 en 28 Rv in die procedure. Beslag op stukken strafzaak en strafrechtelijk onderzoek. Art. 436 en 703 Rv. Verschuldigdheid beslagkosten (art. 706 Rv). Verbod ex art. 28 Rv om mededelingen te doen. De Hoge Raad doet zelf zaak af.
Advocaten
- A.E.H. van der Voort Maarschalk
- A.M. van Aerde
- C.A. Streefkerk
- M.J.C. van der Vegte
- S.M. Kingma
Partijen
[verweerder]
verweerder · onbekend
[verweerster]
verweerster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
