Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2021:1703

Hoge Raad · 23-11-2021 · zaaknummer 19/05145

StrafrechtGepubliceerd 17-11-2021
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Profijtontneming, hof heeft OM ex art. 74 AWR n-o verklaard in vordering tot ontneming van w.v.v. na veroordeling t.z.v. witwassen in strafzaak. OM-cassatie. Reikwijdte art. 74 AWR. Is ’s hofs oordeel dat ervan moet worden uitgegaan dat de contante gelden waarvoor geen legale bron is gebleken, zijn voortgevloeid uit delicten die bij de belastingwet strafbaar zijn gesteld, begrijpelijk? Art. 74 AWR beoogt te voorkomen dat aan betrokkene een ontnemingsmaatregel wordt opgelegd m.b.t. de opbrengst van een bij de belastingwet strafbaar gesteld feit. Deze uit art. 74 AWR voortvloeiende beperking houdt ermee verband, zo volgt uit de wetsgeschiedenis, dat de overheid beschikt over een eigen instrumentarium om uit de belastingwet voortvloeiende schulden in te vorderen, om zo het nadeel dat de overheid lijdt a.g.v. het bij de belastingwet strafbaar gestelde feit ongedaan te maken. Gelet hierop staat art. 74 AWR in de weg aan oplegging van een ontnemingsmaatregel v.zv. deze betrekking heeft op w.v.v. dat correspondeert met het belastingnadeel, dat wil zeggen de belastingschuld die met het begaan van een bij de belastingwet strafbaar gesteld feit is ontweken. Art. 74 AWR vormt geen belemmering voor de oplegging van een ontnemingsmaatregel als het gaat om w.v.v. dat op een andere wijze samenhangt met het begaan van een bij de belastingwet strafbaar gesteld feit. Het kan dan o.m. gaan om het voordeel dat is behaald a.g.v. het gebruik van een aan de belastingheffing onttrokken vermogensbestanddeel. Hiervan kan bijvoorbeeld sprake zijn als witwasgedragingen worden verricht m.b.t. een aan de belastingheffing onttrokken vermogensbestanddeel en die gedragingen tot een vermogensvermeerdering hebben geleid. ‘s Hofs met feitelijke waarderingen samenhangende oordeel dat ervan moet worden uitgegaan dat de contante gelden waarvoor geen legale bron is gebleken, zijn voortgevloeid uit delicten die bij de belastingwet strafbaar zijn gesteld, is niet onbegrijpelijk. Daarbij is van belang dat hof niet heeft vastgesteld dat de door betrokkene ontvangen rentevergoedingen zijn gegenereerd door gebruik te maken van aan de belastingheffing onttrokken vermogensbestanddelen. Volgt verwerping. Vervolg op HR:2018:320 (strafzaak).

Advocaten

  • B.F. Keulen
  • H. Bakker

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.