ECLI:NL:HR:2020:512
Hoge Raad · 14-04-2020 · zaaknummer 18/05143
Inhoudsindicatie
Poging tot zware mishandeling door huisgenoot met keukenmes in onderarm te steken, nadat aangever in slaapkamer van verdachte verhaal kwam halen n.a.v. onenigheid over lengte van douchetijd (art. 302 Sr). Noodweer, proportionaliteitseis. Staat steken met keukenmes in redelijke verhouding tot slaan met blote hand? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2016:456 m.b.t. motiveringsplicht rechter en proportionaliteitseis. Hof heeft vastgesteld dat verdachte eerst door aangever is geslagen en dat verdachte vervolgens aangever met keukenmes in diens arm heeft gestoken. Hof heeft geoordeeld dat weliswaar op het moment van slaan door aangever sprake was van ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding van verdachte door aangever waartegen verdachte zich mocht verdedigen maar dat verdachte geen beroep op noodweer toekomt omdat niet voldaan is aan proportionaliteitseis. Daartoe heeft hof overwogen dat het steken met keukenmes door verdachte “in geen enkele verhouding” tot “de ernst van de aanranding” stond. Dat oordeel is niet z.m. begrijpelijk in het licht van wat hiervoor is vooropgesteld en wat ttz. in h.b. door verdediging is aangevoerd over de ernst van door aangever begane aanranding en de situatie waarin verdachte op dat moment verkeerde, waarvan hof de juistheid deels in het midden heeft gelaten. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Advocaten
- B.F. Keulen
- R. Pothast
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
