ECLI:NL:HR:2020:38
Hoge Raad · 14-01-2020 · zaaknummer 18/04762
Inhoudsindicatie
Medeplegen diefstal (art. 311.1.4 Sr), mishandeling moeder (art. 304.1 Sr), diefstal (art. 310 Sr) en opzetheling (art. 416.1.a Sr). Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b., omdat het te laat is ingesteld, art. 408.1.b Sv. Verschoonbare termijnoverschrijding i.v.m. omstandigheid dat verdachte heeft vertrouwd op vonnis Rb waarin is uitgegaan van verkeerd aantal dagen reeds ondergane voorlopige hechtenis (111 dagen i.p.v. 16 dagen)? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2004:AN8587 m.b.t. bijzondere omstandigheden die overschrijding van termijn voor h.b. door verdachte verontschuldigbaar doen zijn, zoals voor verstrijken van beroepstermijn verstrekte ambtelijke informatie waardoor bij verdachte gerechtvaardigde verwachting is gewekt dat beroepstermijn op ander tijdstip aanvangt. Hof heeft geoordeeld h.b. niet is ingesteld binnen bij wet bepaalde termijn en dat overschrijding van die termijn niet verschoonbaar is. Dat oordeel, erop neerkomende dat niet sprake is van bijzondere, verdachte niet toe te rekenen, omstandigheden welke overschrijding van termijn verontschuldigbaar doen zijn, getuigt niet van onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk niettegenstaande hetgeen door raadsman van verdachte ttz. in h.b. omtrent overschrijding van termijn is aangevoerd. Volgt verwerping.
Advocaten
- F.W. Bleichrodt
- I.T.H.L. van de Bergh
- J. de Hullu
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
