ECLI:NL:HR:2020:1692
Hoge Raad · 27-10-2020 · zaaknummer 19/03898
Inhoudsindicatie
Medeplichtigheid aan hennepteelt door woning beschikbaar te stellen aan anderen voor telen van hennepplanten, art. 3.B Opiumwet. Is verdachte opzettelijk behulpzaam geweest bij telen van hennep? Hof heeft vastgesteld dat verdachte stond ingeschreven op adres en enige bewoner was van woning waarin op bovenverdieping een inwerking zijnde hennepkwekerij is aangetroffen. Hof heeft verder o.m. vastgesteld dat hennepkwekerij ongeveer 14 maanden in bedrijf is geweest, dat op bovenverdieping afvoerpijpen zichtbaar waren, dat door politie bij onderzoek in woning hennepgeur is waargenomen en dat verdachte in die periode van 14 maanden een aantal keren op bovenverdieping van haar woning is geweest. Hof heeft op grond hiervan bewezenverklaard dat verdachte opzettelijk behulpzaam is geweest bij telen van hennep. Dit oordeel geeft niet blijk van onjuiste rechtsopvatting en is toereikend gemotiveerd. Volgt verwerping.
Advocaten
- E.J. Hofstee
- M. Berndsen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
