Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2020:1554

Hoge Raad · 06-10-2020 · zaaknummer 19/03905

StrafrechtGepubliceerd 02-10-2020
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Opzettelijk niet voldoen aan ambtelijk bevel van motoragent door bestuurder van auto, art. 184.1 Sr. Bevoegdheid tot “preventief fouilleren” in veiligheidsrisicogebied o.b.v. WWM. Krachtens wettelijk voorschrift a.b.i. art. 184 Sr? Art. 184.1 Sr eist ‘krachtens wettelijk voorschrift’ gegeven bevel of gedane vordering. Dergelijk voorschrift moet uitdrukkelijk inhouden dat betrokken ambtenaar gerechtigd is tot geven van bevel of doen van vordering (vgl. ECLI:NL:HR:2008:BB4108). O.g.v. art. 151b.1 Gemeentewet kan OvJ in veiligheidsrisicogebied o.m. bevoegdheid ex art. 51.3 WWM toepassen. Die bevoegdheid heeft betrekking op onderzoeken van vervoermiddelen op wapens of munitie. Met het oog op toepassen van o.m. deze bevoegdheid kunnen opsporingsambtenaren o.g.v. art. 51.4 WWM van bestuurders van voertuigen en van schippers van vaartuigen vorderen dat deze vervoermiddelen tot stilstand brengen, vervoermiddelen naar door hen aangewezen plaats overbrengen en overeenkomstig hun aanwijzingen ter zake medewerking verlenen. Bewezenverklaring houdt in dat bevel van daar genoemde ambtenaar van politie is gegeven ex art.151b Gemeentewet en art. 50, 51 en 52 WWM. Daarmee heeft hof kennelijk geoordeeld dat in bewezenverklaring bedoeld bevel is gegeven krachtens de in art. 51.4 WWM neergelegde bevoegdheid van opsporingsambtenaar om van bestuurder van voertuig te vorderen dat deze voertuig tot stilstand brengt zodat voertuig kan worden onderzocht op aanwezigheid van wapens of munitie. In aanmerking genomen dat uit b.m. blijkt dat bevel door opsporingsambtenaar is gegeven in veiligheidsrisicogebied a.b.i. art. 151b Gemeentewet waar last van OvJ a.b.i. art. 51.3 WWM van kracht was en gelet op wat hiervoor is overwogen, getuigt ‘s hofs oordeel dat in bewezenverklaring bedoeld bevel is gegeven ‘krachtens wettelijk voorschrift’ a.b.i. art. 184.1 Sr, niet van onjuiste rechtsopvatting. Het is ook niet onbegrijpelijk. Volgt verwerping. CAG: anders.

Advocaten

  • E.J. Hofstee

Officier van justitie

Partijen

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.