ECLI:NL:HR:2020:1213
Hoge Raad · 07-07-2020 · zaaknummer 19/00938
Inhoudsindicatie
1. Smaadschrift, 261 Sr door op een Facebookpagina een bericht te plaatsen waarin het slachtoffer wordt beticht en/of beschuldigd van meineed. 2. Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, 285 Sr. Kan uit b.m. volgen dat verdachte opzettelijk de eer en goede naam van het slachtoffer heeft aangerand door de ttl. van een bepaald feit, met het kennelijk doel om daaraan ruchtbaarheid te geven? Onttrekking aan het verkeer o.g.v. art. 36d Sr. Kunnen de voorwerpen dienen tot het begaan of de voorbereiding van soortgelijke feiten? HR: art. 81.1 RO.
Advocaten
- B.F. Keulen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
