ECLI:NL:HR:2020:1057
Hoge Raad · 16-06-2020 · zaaknummer 18/04476
Inhoudsindicatie
Verkrachting (art. 242 Sr) van en doodslag (art. 287 Sr) op toentertijd 15-jarig meisje in (de buurt van) Eindhoven in 1995 door toentertijd 28-jarige verdachte. Cold case. 1. Beperking cassatieberoep t.a.v. beslissingen over vorderingen b.p.’s. Is HR bevoegd te oordelen over middelen b.p.’s, nu verdachte zijn beroep t.a.v. beslissingen hof over vorderingen b.p.’s heeft ingetrokken? 2. Verzuim deskundige(n) op te roepen. 3. Bewijsklachten DNA-bewijs. 4. Ontbrekende stukken. 5. Schriftuur b.p.’s. Recht van stieffamilie op vergoeding van affectieschade. Kan worden geanticipeerd op uitbreiding van art. 6:108.3 en 6:108.4 BW per 1-1-2019? HR: art. 81.1 RO.
Advocaten
- D.J.C. Aben
- J. Kelder
- R. Korver
Partijen
[benadeelde]
benadeelde · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
