ECLI:NL:HR:2020:1012
Hoge Raad · 05-06-2020 · zaaknummer 20/00525
Inhoudsindicatie
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Machtiging tot voortzetting crisismaatregel (art. 7:8 Wvggz). Ontvankelijkheid cassatieberoep; verhouding tussen Wvggz en Rv. Voorwaarde van art. 5:7, onder d, Wvggz dat psychiater die medische verklaring afgeeft, minimaal één jaar geen zorg heeft verleend aan betrokkene; ruimte voor belangenafweging indien niet aan die voorwaarde is voldaan? Motiveringsplicht m.b.t. vormen van verplichte zorg (art. 3:2 lid 2 Wvggz) waartoe de machtiging zich uitstrekt. Mogelijkheid om meer vormen van verplichte zorg toe te wijzen dan door de OvJ verzocht; uitleg verzoek.
Advocaten
- C. Reijntjes-Wendenburg
- M.M. van Asperen
Partijen
OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT OOST-NEDERLAND
verweerder · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
