ECLI:NL:HR:2019:623
Hoge Raad · 19-04-2019 · zaaknummer 18/01623
Inhoudsindicatie
Procesrecht; art. 8:73 en 8:74 Awb; art. 47 Handvest; verzoek om vergoeding van immateriële schade bij overschrijding van de redelijke termijn voor berechting van het geschil; mag dezelfde zetel die de hoofdzaak heeft behandeld en beslist, op dit verzoek beslissen?; bij een veroordeling tot vergoeding van betaald griffierecht brengt het Unierecht niet mee dat rente wordt vergoed die gederfd vanaf de dag van betaling van het griffierecht.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
