ECLI:NL:HR:2019:381
Hoge Raad · 02-04-2019 · zaaknummer 18/00271
Inhoudsindicatie
Profijtontneming, w.v.v. uit invoer cocaïne. Hoofdelijke betalingsverplichting, art. 36e.7 Sr. Hof heeft beslissing tot oplegging van hoofdelijke betalingsverplichting niet gemotiveerd. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2015:884 m.b.t. de mogelijkheid om in geval van “gemeenschappelijk voordeel” hoofdelijke betalingsverplichting op te leggen. Hof heeft het totale w.v.v. uit soortgelijke feiten als welke in strafzaak zijn bewezenverklaard geschat op € 129.055,76 en heeft aan betrokkene een hoofdelijke betalingsverplichting opgelegd ter ontneming van dat bedrag. Het heeft dit oordeel t.a.v. de hoofdelijkheid echter niet gemotiveerd. Gelet op hetgeen is vooropgesteld en in aanmerking genomen dat betrokkene in strafzaak is veroordeeld voor medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met Opiumwet, klaagt het middel daarover terecht. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Advocaten
- F.W. Bleichrodt
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
