ECLI:NL:HR:2019:1882
Hoge Raad · 03-12-2019 · zaaknummer 18/02459
Inhoudsindicatie
Ontucht met minderjarige zoons, meermalen gepleegd, art. 249.1 Sr. Is sprake van ontucht plegen “met” als verdachte zijn minderjarige kinderen handelingen bij een ander (de moeder) heeft laten verrichten of had art. 250.1 Sr als ‘geprivilegieerde specialis’ moeten worden toegepast? HR overweegt dat de verdachte onvoldoende belang heeft bij de klacht, in aanmerking genomen dat de bewezenverklaarde gedragingen van verdachte kunnen worden gekwalificeerd onder art. 250.1 ahf.1° Sr zonder dat dat wijziging van het in deze zaak toepasselijke strafmaximum ten gevolge heeft. Volgt verwerping.
Advocaten
- A.E. Harteveld
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
