ECLI:NL:HR:2019:1473
Hoge Raad · 01-10-2019 · zaaknummer 18/00508
Inhoudsindicatie
Diefstal van portemonnee, meermalen gepleegd (art. 310 Sr). Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 432.1.a (oud) Sv. Wordt appeldagvaarding geacht in persoon te zijn uitgereikt indien raadsman die namens verdachte h.b. instelt weigert appeldagvaarding in ontvangst te nemen? Niettegenstaande omstandigheid dat advocaat die als gemachtigde h.b. heeft ingesteld heeft geweigerd appeldagvaarding in ontvangst te nemen, wordt deze dagvaarding ex art. 450.2 (oud) en 450.3 (oud) jo. art. 588.3 Sv geacht op 13-2-2006 in persoon aan verdachte te zijn uitgereikt. Ex art. 432.1.a (oud) Sv had verdachte uiterlijk binnen 14 dagen na einduitspraak Hof van 31-7-2006 cassatie moeten instellen. Nu beroep in cassatie eerst op 25-1-2018 is ingesteld en derhalve na verstrijken van daarvoor geldende termijn, kan verdachte in beroep niet worden ontvangen. HR merkt op dat hetgeen is overwogen m.b.t. art. 450.2 (oud) en 450.3 (oud) jo. art. 588,.3 Sv ook geldt t.a.v. huidig art. 450.2, 450.5 en 450.6 Sv jo. art. 588.3 Sv.
Advocaten
- J. Kelder
- J. Silvis
- R. Heemskerk
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
