ECLI:NL:HR:2019:1462
Hoge Raad · 08-10-2019 · zaaknummer 18/04737
Inhoudsindicatie
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op auto onder vriend van klaagster i.h.k.v. strafrechtelijk onderzoek tegen vriend naar verschillende inbraken. Heeft Rb onderzocht of is voldaan aan een van in art. 33 a.2.a Sr vermelde voorwaarden ingevolge welke ook voorwerpen die aan ander dan veroordeelde toebehoren, vatbaar zijn voor verbeurdverklaring? HR: Op gronden vermeld in CAG is middel terecht voorgesteld. CAG: Door te oordelen dat belang van strafvordering zich tegen opheffing van beslag verzet, omdat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat strafrechter, later oordelend, verbeurdverklaring van inbeslaggenomen auto zal bevelen, heeft Rb juist toetsingskader vooropgesteld. Rb heeft ten onrechte in het midden gelaten of ander dan veroordeelde, namelijk klaagster, rechthebbende is op auto en, bij bevestigende beantwoording, of zij onbekend was met crimineel gebruik dat beslagene van die auto maakte en dat gebruik ook niet redelijkerwijze had kunnen vermoeden. Daarmee heeft Rb art. 33a.2.a Sr miskend. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Advocaten
- T.N.B.M. Spronken
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
