ECLI:NL:HR:2019:130
Hoge Raad · 19-02-2019 · zaaknummer 16/06093
Inhoudsindicatie
Drie woninginbraken in Houten waarvan buit en gebruikte inbrekerswerktuigen in woning en auto van verdachte zijn aangetroffen, art. 311.5 Sr. Bewijsklacht daderschap verdachte. HR: art. 81.1 RO. CAG: Het gaat om drie inbraken in een periode van iets meer dan drie weken. Bij verdachte aangetroffen voorwerpen bestaan voor elk feit niet alleen uit een deel van de buit maar ook uit bij de braak gebruikte instrumenten, zodat er per feit een combinatie van buit en instrument is. De aanwezigheid van de gebruikte instrumenten dringt heling naar de achtergrond. Bewijsmotivering is niet ontoereikend of onbegrijpelijk, nu buit en sporen van drie inbraken alle in de richting van verdachte wijzen en Hof kennelijk in aanmerking heeft genomen dat verdachte niet veel verder komt dan een schamele ontkenning.
Advocaten
- P.C. Vegter
- R.P. van der Graaf
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
