ECLI:NL:HR:2019:1158
Hoge Raad · 09-07-2019 · zaaknummer 18/04125
Inhoudsindicatie
Herziening. Rijden met ongeldig verklaard rijbewijs, art. 9.2 WVW 1994. Aangevoerd wordt dat Pr OM n-o had verklaard in vervolging indien Pr bekend was geweest met sepotbeslissing van CVOM gericht aan aanvrager. HR: Op in CAG vermelde gronden moet aangevoerde worden aangemerkt als gegeven a.b.i. art. 457.1.c Sv. CAG: Aan overgelegde stukken zijn voldoende deugdelijke argumenten te ontlenen die oordeel dat “Kennisgeving sepot” inderdaad betrekking heeft op bewezenverklaard feit kunnen dragen, terwijl er geen enkel argument valt aan te wijzen dat houvast biedt aan gedachte dat aanvrager op één en dezelfde dag nog eens zou zijn aangehouden voor rijden zonder geldig rijbewijs of dat pleegdatum en/of -plaats bij sepotfeit niet zou(den) kloppen. HR verklaart aanvraag gegrond en verwijst zaak naar Hof.
Advocaten
- E.J. Hofstee
- K.D. Regter
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
