Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2018:845

Hoge Raad · 05-06-2018 · zaaknummer 17/06100

StrafrechtGepubliceerd 06-06-2018
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Herziening. Voortgezette handeling van poging doodslag door A meermalen met mes te steken en mishandeling (meermalen gepleegd) door A een kopstoot te geven en B met mes te steken in uitgaansgebied van Almere, art. 287 en 300.1 Sr. Aangevoerd wordt dat Hof (1) OM n-o zou hebben verklaard in vervolging dan wel (2) beroep op noodweer zou hebben gehonoreerd, indien het bekend was geweest met gegeven dat mes, dat aanvrager bij zijn invrijheidstelling heeft meegekregen, beschikbaar was voor onderzoek alsmede met uitkomst van (alsnog) aan mes en eveneens teruggegeven jack en T-shirt verricht onderzoek. Ad 1. Aangenomen moet worden dat teruggegeven mes het door aanvrager t.t.v. delicten gehanteerde mes betreft. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2012:BW9301 m.b.t. uitzonderlijke gevallen waarin OM ex art. 359a Sv n-o is in strafvervolging. De enkele kennelijk door aanvrager uit de teruggave van het mes afgeleide omstandigheid dat dit mes wel voor onderzoek beschikbaar was, wekt niet ernstig vermoeden dat, indien Hof daarmee bekend was geweest, het onderzoek van de zaak zou hebben geleid tot n-o verklaring OM. Ad 2. Verricht onderzoek wekt, aangenomen dat aanvrager onderzocht jack en T-shirt droeg t.t.v. delicten, niet ernstig vermoeden dat Hof tot ontslag van alle rechtsvervolging zou zijn gekomen indien het met de resultaten van dat onderzoek bekend zou zijn geweest, reeds omdat onderzoek is verricht met door aanvrager gehanteerd mes, terwijl aanvrager i.v.m. het door hem gedane beroep op noodweer(exces) stelt zelf te zijn geraakt met een ander mes. HR voegt daaraan nog toe dat uit onderzoek noch anderszins is gebleken dat de op jack en T-shirt aangetroffen beschadigingen zijn ontstaan t.t.v. delicten, terwijl Hof bij beoordeling beroep noodweer(exces) reeds in aanmerking heeft genomen dat aanvrager "in zijn rug gewond is geraakt als gevolg van de aanraking met enig scherp voorwerp", maar dat "ondersteuning voor de stelling dat de verwonding in kwestie is ontstaan vrijwel direct na de confrontatie met A (...) niet aannemelijk [is] geworden". Afwijzing aanvraag. Vervolg op ECLI:NL:HR:2014:3152.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.