ECLI:NL:HR:2018:1689
Hoge Raad · 18-09-2018 · zaaknummer 17/05379
Inhoudsindicatie
Meineed, art. 207.1 Sr. Bewijs dat de belofte is afgelegd op de bij de wet voorgeschreven wijze tijdens verhoor verdachte bij RC als getuige in strafzaak tegen ander? Het Hof heeft kennelijk de in het p-v van de RC opgenomen verklaring van verdachte aldus uitgelegd dat de vermelding "u houdt mij voor dat ik nu een andere verklaring afleg dan dat ik bij de politie heb gedaan en dat u om die reden op verzoek van de officier van justitie mij zult beëdigen", en "ik heb op uw verzoek zojuist de belofte afgelegd" bezwaarlijk iets anders kan betekenen dan dat de in de bewezenverklaring weergegeven verklaringen van verdachte zijn afgelegd nadat zij op de bij de wet voorgeschreven wijze in handen van de RC de belofte heeft afgelegd de waarheid en niets dan de waarheid te zullen zeggen. Die aan het Hof voorbehouden uitleg is niet onbegrijpelijk. Gelet op dit e.e.a. is de bewezenverklaring, ook in het licht van hetgeen namens verdachte ttz. in h.b. is aangevoerd, toereikend gemotiveerd. CAG: anders.
Advocaten
- A.J. Machielse
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
