ECLI:NL:HR:2018:1126
Hoge Raad · 10-07-2018 · zaaknummer 16/03818
Inhoudsindicatie
Medeplegen gekwalificeerde diefstal door in te breken in woning en sieraden en geld weg te nemen, art. 311.1 Sr. Vordering b.p. Weggenomen geld dat b.p. voor zijn dochter in bewaring had aan te merken als rechtstreekse schade t.g.v. woninginbraak? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2014:959 m.b.t. vereiste van “rechtstreekse schade”. Hof heeft geoordeeld dat de vordering tot schadevergoeding van b.p., ook v.zv. die betrekking heeft op het gevorderde bedrag van € 11.570,-, kan worden toegewezen, nu is aangetoond dat b.p. een bedrag van omgerekend € 11.570,- in bewaring had genomen van zijn dochter en dat verdachte dit geld uit de woning van b.p. heeft gestolen. Mede gelet op de inhoud van de tot het bewijs gebezigde aangifte, waarin melding wordt gemaakt van de ontvreemding van twee enveloppen met geld, en in aanmerking genomen dat door of namens verdachte niet is betwist hetgeen door b.p. m.b.t. de gevorderde schadevergoeding is aangevoerd, geeft ‘s Hofs kennelijke oordeel dat voldoende verband bestaat tussen de schade die b.p. heeft geleden doordat hij niet meer in staat is het in bewaring genomen bedrag aan zijn dochter terug te betalen, en het bewezenverklaarde handelen van verdachte, niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Dat oordeel is ook niet onbegrijpelijk, wat er zij van 's Hofs aanduiding van b.p. als 'zaakwaarnemer'. Volgt verwerping.
Advocaten
- J.Y. Taekema
- P.C. Vegter
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
