ECLI:NL:HR:2017:942
Hoge Raad · 19-05-2017 · zaaknummer 16/05572
Inhoudsindicatie
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Nationaliteitsrecht en IPR. Verkrijging van rechtswege van Nederlanderschap door kind uit polygaam huwelijk (art. 3 lid 1 RWN)? Erkenning van buitenslands tot stand gekomen rechtsfeit waarbij familierechtelijke betrekking is vastgesteld (Marokkaanse geboorteakte) (art. 10:101 BW in verbinding met art. 10:100 BW), indien ten tijde van de geboorte sprake was van polygaam huwelijk (art. 10:32 BW). Betekenis van voorvraag (art. 10:4 en 10:33 BW) en fait accompli-exceptie (art. 10:9 BW); betekenis van art. 3 IVRK. Tijdstip met ingang waarvan erkenning rechtsgevolg heeft indien naderhand polygame karakter aan het huwelijk ontvalt. Betekenis van beginsel van niet-terugwerkende kracht van verkrijging van Nederlanderschap (art. 2 lid 1 RWN). Mogelijkheid van erkenning of gerechtelijke vaststelling ouderschap met oog op verkrijging Nederlanderschap (art. 4 leden 1, 2 en 4 RWN).
Advocaten
- M.M. van Asperen
- P. Vlas
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
