Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:HR:2017:2861

Hoge Raad · 14-11-2017 · zaaknummer 16/03326

StrafrechtGepubliceerd 14-11-2017
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Beklag, beslag ex art. 94 Sv op geldbedragen onder klager i.h.k.v. strafzaak tegen klager en zijn broers. 1. Termijn voor hernieuwd beklag, art. 552a.3 en 552a.4 Sv. 2. Ontvankelijkheid cassatieberoep na last tot teruggave, art. 134.1 en 116.1 Sv. Ad 1. N.a.v. de in de CAG opgeworpen vraag of de termijnen van art. 552a.3 Sv en art. 552a.4 Sv ook van toepassing zijn in het geval van een hernieuwd beklag na inbeslagneming van de voorwerpen merkt de HR op dat mede in het licht van de geschiedenis van de totstandkoming van art. 552a.3 tweede volzin Sv moet worden aangenomen dat de in art. 552a.3 Sv genoemde termijn ook van toepassing is in het geval van een hernieuwd beklag. Datzelfde geldt in voorkomende gevallen voor het bepaalde in art. 552a.4 Sv. Ad 2. Op de gronden zoals weergegeven in de CAG kan klager niet worden ontvangen in het cassatieberoep, nu de OvJ een last tot teruggave aan klager van de inbeslaggenomen geldbedragen heeft gegeven. CAG: klager heeft geen afstand gedaan van de onder hem inbeslaggenomen geldbedragen en heeft zich steeds op het standpunt gesteld dat ze hem toebehoren. Met de door de OvJ gegeven last tot teruggave van de onder klager inbeslaggenomen geldbedragen is ex art. 134 Sv aan dat beslag een einde gekomen, ongeacht of dat voorwerp feitelijk is teruggeven. Dit moet leiden tot niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.