ECLI:NL:HR:2016:617
Hoge Raad · 12-04-2016 · zaaknummer 14/06402
Inhoudsindicatie
Veroordeling ex art. 197 Sr: verblijf in NL na ongewenstverklaring. Verwerping van ttz. gevoerd verweer dat die ongewenstverklaring in strijd is met destijds geldende wet- en regelgeving. De HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BL2854 m.b.t. de taakverdeling tussen straf- en bestuursrechter en de gevolgen hiervan voor verweren als i.c. gevoerd, ingeval de bestuursrechter bij onherroepelijke uitspraak heeft beslist over de ongewenstverklaring. Gelet hierop en in aanmerking genomen hetgeen aan het verweer ten grondslag is gelegd, getuigt ’s hofs verwerping van het verweer niet van een onjuiste rechtsopvatting en is die beslissing toereikend gemotiveerd. CAG: anders.
Advocaten
- A.J. Machielse
- B.P. de Boer
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
