ECLI:NL:HR:2016:517
Hoge Raad · 29-03-2016 · zaaknummer 15/00024
Inhoudsindicatie
Noodweer(exces). De HR stelt voorop dat de omstandigheid dat een verdachte de hem tlgd. gedraging ontkent, niet zonder meer aan het slagen van een subsidiair gedaan beroep op noodweer(exces) in de weg behoeft te staan alsmede dat de rechter de last tot het aannemelijk maken van de feitelijke grondslag van zo een beroep niet uitsluitend op de verdachte mag leggen (vgl. ECLI:NL:HR:2016:456, rov. 3.1.2.) . I.c. is ’s Hofs oordeel “dat uit het onderzoek ter terechtzitting niet aannemelijk is geworden dat verdachte zich op enig moment heeft bevonden in een noodweersituatie” feitelijk en niet onbegrijpelijk, terwijl het Hof voorts het vooropgestelde niet heeft miskend. Conclusie AG: anders.
Advocaten
- J. Zevenboom
- N. van Schaik
- P.C. Vegter
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
