ECLI:NL:HR:2016:457
Hoge Raad · 22-03-2016 · zaaknummer 13/01623
Inhoudsindicatie
Art. 395.2 Sv (opmaken pv van de tz) en 395a.1 Sv (stempelvonnis). De verdachte heeft binnen drie maanden na de uitspraak van de Ktr beroep in cassatie ingesteld. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat het vonnis geen vonnis betreft a.b.i. 410a.1 Sv, heeft de Ktr ten onrechte volstaan met een door hem gewaarmerkte aantekening a.b.i. art. 395a.1 Sv. Het verzuim pv op te maken a.b.i. 395.2.ahf onder c Sv leidt tot nietigheid van het onderzoek ttz en van de naar aanleiding daarvan gedane uitspraak.
Advocaten
- A.E. Harteveld
- R.J. Baumgardt
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
