ECLI:NL:HR:2016:2924
Hoge Raad · 20-12-2016 · zaaknummer 16/01976
Inhoudsindicatie
Beklag. Art. 552a en 552p Sv. Door klaagster is cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van de Rb op een klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv. Tegen de beschikking van de Rb waarbij het in art. 552p.2 Sv bedoelde verlof t.a.v. het inbeslaggenomene is verleend, hebben de in die beschikking vermelde partijen geen beroep in cassatie ingesteld, terwijl ook in de namens klaagster i.c. ingediende schriftuur n.a.v. haar ongegrond verklaarde klaagschrift geen klachten zijn geformuleerd die betrekking hebben op het in die beschikking gegeven verlof en de gronden waarop dat berust. In cassatie moet daarom ervan worden uitgegaan dat de ex art. 552p Sv t.a.v. het inbeslaggenomene gegeven beschikking onherroepelijk is geworden. Vernietiging van de ex art. 552a Sv gegeven beschikking kan daarin geen verandering brengen. Dit betekent dat klaagster geen belang meer heeft bij het beroep tegen de beschikking van de Rb, zodat zij daarin n-o moet worden verklaard.
Advocaten
- P.C. Saris
- W.H. Vellinga
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
