ECLI:NL:HR:2016:1412
Hoge Raad · 05-07-2016 · zaaknummer 15/02179
Inhoudsindicatie
Afwijzen getuigenverzoek. Het Hof heeft door het bij appelschriftuur gedane en ttz. in h.b. gehandhaafde verzoek X als getuige te horen af te wijzen omdat het dit verzoek onvoldoende onderbouwd achtte en verdachte door die afwijzing niet in zijn verdediging is geschaad de juiste beoordelingsmaatstaf aangelegd, terwijl diens oordeel voorts niet onbegrijpelijk is, mede in aanmerking genomen hetgeen door de verdediging aan dat verzoek ten grondslag is gelegd. De omstandigheid dat de voorzitter van het Hof voorafgaand aan de tz in hb ex art. 263.4 Sv de oproeping van deze getuige heeft bevolen, noopte het Hof niet tot een ander oordeel of een nadere motivering van zijn beslissing. Daarbij is van belang dat de beslissing van de voorzitter a.b.i. art. 263.4 Sv – gelet ook op de wetsgeschiedenis – moet worden aangemerkt als een beslissing die slechts strekt ter voorbereiding van de tz., waartegen geen rechtsmiddel is opengesteld en waarmee is beoogd nodeloos verlies aan zittingscapaciteit tegen te gaan zonder de voorzitter daarbij aan een bepaalde beoordelingsmaatstaf te binden.
Advocaten
- G. Knigge
- M.W.G.J. IJsseldijk
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
