ECLI:NL:HR:2015:3065
Hoge Raad · 13-10-2015 · zaaknummer 14/05483
Inhoudsindicatie
1. Art. 359 leden 3 en 8 Sv. 2. Oordeel m.b.t. redelijke termijn. Ad 1. Het bestreden arrest voldoet wat betreft feit 12 niet aan het vereiste van art. 359 leden 3 en 8 Sv. HR spreekt om doelmatigheidsredenen de verdachte ter zake van dit feit vrij. Daardoor wordt de aard en ernst van al hetgeen voor het overige ten laste van de verdachte is bewezenverklaard niet aangetast, zodat vernietiging van de uitspraak ter zake van de strafoplegging op deze grond achterwege kan blijven. Ad 2. ’s Hofs oordeel dat geen sprake is van overschrijding van de redelijke termijn in h.b. doordat de vertraging in de behandeling van het h.b. deels is ingegeven door verzoeken van de verdediging is niet zonder meer begrijpelijk. HR doet de zaak om doelmatigheidsredenen zelf af en vermindert de door het Hof opgelegde gevangenisstraf.
Advocaten
- E.J. Hofstee
- M.L. Plas
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
